Biografie

BIOGRAFIE

Wat zijn schrijvers toch voor mensen? Zijn ze ook naar school geweest? Werken ze wel? Allemaal vragen waarop je hieronder een antwoord vindt.

Ik ben geboren in Wilrijk (Antwerpen) op 27 april 1962. De eerste twintig jaar van mijn leven woonde ik in Hoboken samen met mijn ouders, mijn twee oudere zusters en mijn jongere broer.

Als kind was ik gek op ridder- en westernverhalen, zowel op TV als in boeken. Ik herinner me dat ik erg veel las. Geld om boeken te kopen was er thuis niet, dus schreef ik me al snel in bij de plaatselijke bibliotheek. Op school bleek dat ik het vrij goed deed wanneer er opstellen moesten worden geschreven, maar er was geen haar op mijn hoofd dat eraan dacht om ooit schrijver te worden. Boeken waren er om te lezen en in mijn geval niet om zelf te schrijven. Ik kon me trouwens niet voorstellen dat iemand zo veel geduld kon opbrengen om maandenlang aan hetzelfde te werken.

Ik koos de richting moderne talen en kon lekker punten verdienen door mijn hobby uit te oefenen: lezen! De taal begon me meer en meer te boeien en toen ik achttien was, besloot ik dat ik leraar wilde worden. In wat? In talen natuurlijk. Zo kwam het dat ik twee jaar later mijn diploma van regent Nederlands, Engels en Duits op zak had.

Ik begon met volle moed aan het leraarschap, maar verloor vijf jaar later mijn baan omdat er teveel leraars waren. Geen paniek – of toch een beetje – dan maar een ander baan gezocht. En andere banen heb ik gevonden, te veel om op te noemen, tot in Engeland toe.

Ik was inmiddels gehuwd met Linda, mijn vrouw, en we kregen twee zonen, Timo en Tycho. (Je moet eens aan je ouders vragen of zij ook soms de indruk hebben dat er veel meer kinderen in huis rondlopen.)

En ineens was het daar. Vraag me niet hoe het is gekomen, want ik zou het echt niet weten. Ik wilde schrijven.

Mijn eerste boek was een roman voor volwassenen, een fantasy-verhaal. Ik was toen nog in loondienst en het stoorde me enorm dat ik niet meer tijd had om te schrijven. Dus nam ik een belangrijke beslissing: ik werd zelfstandige. Op die manier werd ik baas over mijn eigen tijd en kon ik me meer op het schrijven concentreren.

Ik werkte het boek voor volwassenen af en tegelijkertijd kreeg ik een idee voor een jeugdboek. Ik woonde toen in Wilrijk in de Neerlandwijk, net naast een verbrandingsoven. De oven kwam bijna dagelijks in het nieuws omdat hij als oorzaak werd aangeduid voor veel zieken in de buurt. Stof genoeg om eens een verhaal over te schrijven, dacht ik.

Terwijl ik de volwassenenroman naar verscheidene uitgeverijen stuurde en overal te horen kreeg dat ze niet geïnteresseerd waren, schreef ik verder aan mijn jeugdverhaal. Tussendoor vond ik nog de tijd om mee te doen aan een verhalenwedstrijd van de provincie Antwerpen. Heb je ooit al iemand zien dansen bij het lezen van een brief? Nee? Dan had je erbij moeten zijn toen ik het nieuws kreeg dat ik die wedstrijd had gewonnen. Na al die weigeringen van mijn eerste manuscript was ik plots de winnaar van een wedstrijd voor onbekende schrijvers!

Toen mijn jeugdboek klaar was, nam ik contact op met uitgeverij Facet en daar wilden ze het wel eens lezen. De uitgever was behoorlijk enthousiast en uiteindelijk lag in maart 2001 De dodelijke pijp in de winkels.

Van toen af is alles heel snel gegaan. Mijn fantasie stroomde naar buiten en mijn ideeën kwamen sneller dan ik ze kon opschrijven. Zes maanden later kwam mijn tweede jeugdboek, Kleuren, al uit en op dat moment was De dodelijke pijp al aan zijn tweede druk toe. Tussen al die gekte door vond ik ook nog de tijd en de energie om samen met mijn gezin naar Mortsel te verhuizen.

In mei 2002 kreeg De dodelijke pijp de derde prijs van de kinder- en jeugdjury Vlaanderen en een maand later, een paar dagen na het verschijnen van Schaduwwereld kreeg ik te horen dat Kleuren genomineerd was voor de kinder- en jeugdjury Limburg 2003.

Ik hou ervan om nieuwe werelden te scheppen en die toch op een of andere manier te verbinden met onze eigen wereld. Dagelijks gebeuren er wel dingen waarover je een boek zou kunnen schrijven, dus inspiratie is er genoeg voor wie om zich heen kijkt.

Een verhaal moet voor mij in de eerste plaats leuk zijn om lezen. Het kan grappig zijn, spannend of triest, maar steeds moet de lezer de neiging hebben om verder te willen lezen. Hij moet nieuwsgierig zijn naar wat er nu verder gaat gebeuren. Met mijn verhalen ga ik vaak in op een situatie in onze wereld waarmee ik niet zo gelukkig ben. Misschien stellen sommige lezers zich dan met mij de vraag of het echt niet anders kan. Andere lezers denken misschien niet zo diep na en genieten gewoon van het boeiende verhaal. Waarom ook niet? We hoeven ons zeker niet altijd zorgen te maken. Tenslotte zijn vreugde en geluk misschien wel de belangrijkste bouwstenen van het leven.

Het is nu september 2002 en mijn nieuwste boek, De thuiskomst, ligt net in de winkels. Het is hard werken geweest, maar ik geloof dat ik goed bezig ben…

Augustus 2003. De hoogste tijd om mijn biografie wat bij te werken. Ik ben bijna een jaartje ouder en alweer drie boeken verder.

Het afgelopen jaar heb ik heel wat lezingen gegeven en dat heeft een wel heel bijzonder gevolg gekregen. Door veel naar scholen toe te gaan, kreeg ik weer zin om te gaan lesgeven. In het onderwijs zit men tegenwoordig blijkbaar om leraren verlegen,dus... Inderdaad, vanaf 1 september sta ik opnieuw voor de klas! Zou de cirkel rond zijn?

 

Intussen blijf ik in mijn boeken de grenzen verkennen. Voor 'Niyá' verdiepte ik me in de cultuur van de Lakota-indianen; 'Angeldust' is dan weer een zoektocht naar de grens tussen het leven en de dood. Met dat boek maakte ik nog een andere cirkel rond. Mijn passie om vanuit muziek verhalen te creëren kreeg een staartje in de vorm van de cd-single 'Angeldust' van de groep RA. De liedjestekst uit het boek werd op muziek gezet waardoor het verhaal nu zowel gelezen als muzikaal beluisterd kan worden.

In prijzenland stond de tijd ook niet stil. 'Kleuren', dat genomineerd werd voor de Kinder-en jeugdjury Limburg, kreeg daar de eerste prijs in de categorie 12 tot 14 jaar. Een maand later kreeg ik te horen dat 'Schaduwwereld' werd genomineerd voor de Kinder- en jeugdjury Vlaanderen. Duimen voor volgend jaar dus alweer.

De eerste stappen naar het buitenland zijn nu in volle voorbereiding. 'Niyá' wordt vertaald in het Engels. Voorlopig is het afwachten hoe men in het buitenland zal reageren...

Als schrijver kom je ook een en ander te weten. Zo ontdekte ik onlangs dat getallen een heel vreemde eigenschap hebben. Plots werden die saaie cijfertjes waarmee men me in de wiskundeles om de oren sloeg heel interessant... In 'De donkere getallen' lees je er alles over.

September 2005: Ik weet het: ik moet dringend mijn biografie bijwerken. Het probleem is dat ik zo druk bezig ben met het schrijven van boeken...

Januari 2006: Toch nog eens een poging wagen. Ik geef nog steeds les en soms lijkt het alsof ik al die jaren niets anders gedaan heb. Mijn schrijvershobby is intussen uitgegroeid tot een tweede beroep en daardoor heb ik het meestal behoorlijk druk. Steeds meer zet ik klaslokalen of bibliotheekzalen op stelten met mijn verhalen, hoewel ik moet toegeven dat het er soms ijzingwekkend stil wordt.

Vorig jaar heb ik me aan een nieuwe uitdaging gewaagd. Ik heb al mijn fantasie opzij geschoven om te beginnen aan een waar gebeurd verhaal. Daarvoor ben ik een aantal keren op bezoek geweest in het revalidatiecentrum Pulderbos om er te spreken met Eva, een meisje dat werd aangereden door een automobilist en voor dood werd achtergelaten. Een harde waarheid, maar ik vond dat ze verteld moest worden. Ook de burgemeester van Antwerpen vindt dit belangrijk, want hij zal het boek volgende maand op het stadhuis in ontvangst nemen.

De donkere getallen blijken een heel magisch effect te hebben, want de verhalen vermenigvuldigen zich in snel tempo en als ik mijn lezers mag geloven, zijn ze razend populair. Nou ja, dat merk ik natuurlijk wel aan de verkoop. Sommigen kunnen nauwelijks wachten tot deel 4 verschijnt. Wie weet wordt mijn Harry wel even beroemd als zijn Engelse neefje...? Deel 1 is al aan de derde druk toe, dus dat belooft!

En Kristal van hoop wordt een heel apart verhaal. Maar dat vertel ik een volgende keer wel... Je mag het vel van de beer namelijk nooit verkopen voor hij geschoten is...

Mei 2008: Eindelijk nog eens wat tijd vrijgemaakt om hier wat verder te pennen. Er is intussen zoveel gebeurd. Het derde deel van DE DONKERE GETALLEN won vorig jaar de eerste prijs van de Kinder- en Jeugdjury. Een mooie bekroning die heel veel deugd doet. Deel vier is al verschenen en in oktober moet het vijfde deel in de boekhandel liggen. Schrijven en vertellen nemen nu zo veel van mijn tijd in beslag dat ik gestopt ben met lesgeven. Inderdaad: een droom is werkelijkheid geworden, want ik heb van mijn hobby mijn beroep gemaakt. Resultaat is wel dat het nu drukker is dan ooit!

 

Walter Soethoudt, mijn uitgever, is met pensioen gegaan, dus heb ik uitgekeken naar een nieuwe uitgeverij en dat is Abimo geworden. Onlangs heb ik in opdracht ook een boek geschreven voor uitgeverij Manteau: IK BEN TOCH NIET GEK? Heel interessant om daarvoor in de geschiedenis van een van de bekendste 'gekkenhuizen' van Vlaanderen te duiken.

Met LILJANA schreef ik mijn tweede waargebeurde verhaal. De betrokkenheid die je tijdens het schrijven van zo'n verhaal voelt met de mensen waarover je schrijft is echt niet te onderschatten. Maar de ervaring is telkens heel leerrijk.

Mijn meest ambitieuze project tot nog toe is een uitloper van DE PIJN VOORBIJ. Samen met muzikant William Beckers zal ik dat verhaal immers op het podium brengen. Een heuse theatermonoloog voor 14+ die gedragen wordt door licht en synthesizers. Misschien komen we wel in je school langs...

En Kristal van Hoop? Ik wou dat ik er meer over kon vertellen, maar de plannen komen tergend langzaam tot ontwikkeling...

Januari 2010: Is het al weer zolang geleden dat ik nog iets aan mijn biografie deed? Dat komt er natuurlijk van als je constant met nieuwe verhalen in je hoofd zit.

Kristal van Hoop had een film moeten worden, maar ik vrees dat de plannen in de koelkast, of misschien wel in de diepvriezer zijn beland. Jammer, want het was veelbelovend.

Meer en meer krijg ik schrijfopdrachten, wat natuurlijk wel leuk is omdat je dan weet dat je werk gewaardeerd wordt. Uitgeverij Averbode vraagt me geregeld iets voor iD te schrijven en voor de Nederlandse uitgeverij Zwijsen schrijf ik af en toe een AVI-verhaal. Daarvoor moet je een heel andere schrijftechniek hanteren en dat is eigenlijk wel leuk om te doen.

In december 2008 vertrok ik in opdracht van Damiaanactie naar Kinshasa om er een boek te schrijven over een straatjongen die lepra kreeg. Junior, de jongen over wie het verhaal gaat, is een fantastische kerel. Ik heb daar in Kongo trouwens geweldig sympathieke mensen ontmoet. Het was een ervaring die ik nooit meer zal vergeten, daar ben ik wel heel zeker van. Ik heb me vooral gerealiseerd hoe goed we het hier wel hebben, ondanks al onze beslommeringen. Op de terugreis heb ik toen beslist om een deel van de opbrengst van dat boek aan Damiaanactie te schenken. Op die manier kan ik toch iets bijdragen aan de strijd tegen lepra en tuberculose.

2010 belooft een druk jaar te worden. Er liggen heel wat opdrachten op me te wachten en ik ga zoals elk jaar heel wat scholen onveilig maken met mijn vertellingen. Heel wat jongeren vertellen me dat Angeldust hun lievelingsboek is. Het wordt misschien tijd om nog eens iets in dat genre te schrijven?

November 2012: Morgen begint de boekenbeurs! Er zijn meer dan twee jaar verstreken sinds de laatste update van deze biografie. Niet te verwonderen als je bedenkt dat ik in tussentijd weer heel wat publiceerde en dat het lezingenaantal enorm blijft. Het aantal scholen en bibliotheken die ik heb bezocht kan ik echt niet meer bijhouden. De strafste ontmoeting die ik intussen heb gehad ,was ongetwijfeld die met Jonas. Hij is maar dertien geworden en ik heb hem eigenlijk pas na zijn dood leren kennen. Toch heeft hij een onuitwisbare indruk op me gemaakt en heb ik nog heel vaak het gevoel dat hij 'dichtbij' is. Misschien had ik zonder deze ervaring Heaven can Wait nooit kunnen schrijven. Het boek was in ieder geval anders geworden als ik Jonas niet had leren kennen. Het leek me daarom niet meer dan fair hem een kleine rol in het boek te geven. Voor wie graag op zoek gaat: lees eerst HART VAN GOUD en zoek dan in HEAVEN CAN WAIT: JAGERS welke rol Jonas heeft gekregen. Nee, ik verklap niets; je zult hem wel vinden.

Ik heb me nu ook geëngageerd voor het schrijven van enkele SURVIVALGIDSEN voor uitgeverij Abimo. Nadat ik die over autisme had geschreven, had ik meer dan materiaal genoeg om GEWOON ANDERS van onder het stof te halen. Ik schreef de basis voor dit manuscript immers al in 2005, maar het was niet 'af'; er mankeerde iets. Door mijn contacten met AUTISME CENTRAAL in Gent kreeg ik een veel beter zicht op autisme. Eindelijk kon ik doordringen in de geest van Samuel en een boek afwerken dat ik zelf heel bijzonder vind. Met de twee delen van HEAVEN CAN WAIT en GEWOON ANDERS heb ik dit jaar een mooie oogst. Ik heb keihard gewerkt en ben heel trots op het resultaat. Daarbij moet ik zeker een woordje van dank richten aan Sarah, mijn nieuwe uitgeefster bij Abimo. Zij is zo streng en veeleisend dat ze me dwingt om altijd maar beter te schrijven.

Ook ik ontsnap niet aan de nieuwe mediahype. Ik heb een facebookpagina in het leven geroepen waarop mijn lezers al hun reacties kwijt kunnen:

http://www.facebook.com/pages/Luc-Descamps/295641127209082

En nu ga ik me richten op de boekenbeurs. Ik hoop weer heel wat fans te kunnen begroeten.

Copyright @ All Rights Reserved